Welstandsregimes

In de gemeente Haarlemmermeer worden een welstandsvrij, regulier en bijzonder welstandsregime onderscheiden. Daarbij wordt als volgt getoetst:

  • welstandsvrij regime: er wordt niet getoetst aan redelijke eisen van welstand;
  • regulier welstandsregime: het gebouw in zijn omgeving maar ook als zelfstandig object, de architectonische benadering;
  • bijzonder welstandsregime: het gebouw in zijn omgeving, als zelfstandig objecten daarnaast ook nog bijzondere onderdelen en details van het gebouw, de esthetische benadering;
  • specifiek welstandsregime: in het gebied is een beeldkwaliteitsplan van toepassing.

Het verschil tussen de welstandsregimes is dus niet een kwestie van streng, strenger,strengst maar van een beoordeling op maximaal drie schaalniveaus: omgeving, gebouwen en detail. Afhankelijk van de situatie wordt een welstandsregime gekozen dat overeenstemt met de aanwezige kwaliteiten. Op de interactieve kaart is aangegeven welk gebied onder welkregime valt.

Bij de beschreven welstandsregimes wordt in principe aangesloten bij al aanwezige kwaliteiten, andere zijn immers niet voorhanden. Dat betekent niet dat nieuwe ontwerpen uit principe moeten terugvallen op het idioom van de bestaande bebouwing, integendeel. Een nieuw gebouw mag en zal zich onderscheiden van aanwezige bebouwing, al was het maar omdat de gevel nog niet vervuild is.

De vraag of een ontwerp is gebaseerd op overeenkomsten of juist verschillen met aanwezige architectuur is een zaak van architect en opdrachtgever, tenzij daar in het architectuurbeleid van de gemeente Haarlemmermeer of in een beeldkwaliteitplan dwingende uitspraken over worden gedaan. Welstandscommissies mogen in ieder geval niet fungeren als vertegenwoordiger van een bepaalde architectuurstroming.

Overigens geldt – wanneer op een aanvraag meerdere regimes van toepassing zijn – het zwaarste regime.

  • Laatste update: 6-6-2013